Grootsgedrukt
Enquête: 090-Gelooft u dat de Gemeente opgenomen wordt? Ja Nee
Agenda:   Conferenties & Cursussen ||  Concerten ||  Evenementen ||  Bericht aanbieden

Manna

Satan - deel 2 van 4

Het ontstaan van de duivel en het ontstaan van het kwaad.

Lezen: Ezechiël 28:11-19 (Voor een goed begrijpen is het goed de andere gedeelten die vandaag genoemd worden ook te lezen.)

Vers voor vandaag: "Onberispelijk waart gij in uw wandel, vanaf de dag dat gij geschapen werdt, totdat er onrecht in u werd gevonden." (Ezechiël 28:15)

Waar komt satan vandaan?
De Bijbel heeft niet zoveel te zeggen over het ontstaan van satan. Toch zijn er enkele bijbelgedeelten die tezamen het volgende beeld schilderen:

1. Satan was eerst een goede geest, met veel macht, die door God geschapen werd.
2. Deze goede geest werd trots en rebelleerde tegen God.
3. Als straf verloor hij zijn unieke positie bij God en werd op de aarde geworpen.
4. Sindsdien is het universum zijn domein, waar hij zijn haat tegenover God uitleeft.

Enkele bijbelgedeelten die de bron voor bovenstaande gedachten zijn:

Een engel geschapen door God (Ezechiël 28:11-19)
In Ezechiël de hoofdstukken 26-28 lezen wij profetieën over het rijke en goddeloze koninkrijk Tyrus dat ten noorden van Israël lag. Het eerste deel van hoofdstuk 28 richt zich duidelijk tot de vorst, de leider van Tyrus. Maar vanaf vers 11 neemt deze profetie een andere vorm aan. Het woord des Heren richt zich dan niet meer tegen de vorst van Tyrus, maar tegen de koning van Tyrus. Het klaaglied van Ezechiël wat dan volgt, uit gedachten die onmogelijk op een mens van toepassing kunnen zijn. Algemeen wordt aangenomen dat God in dit gedeelte iets duidelijk maakte aan Ezechiël, en daardoor aan de hele mensheid, over het ontstaan van de duivel en het ontstaan van het kwaad.

Hoogmoed kwam voor de val (Jesaja 14:12-21)
In Jesaja hoofdstuk 13 en 14 spreekt Jesaja profetieën uit over het trotse Babylon. Ook in deze profetieën verandert de toon ineens en wordt er gesproken over iemand die achter de koning van Babel opdoemt; iemand die onmogelijk een mens kan zijn. "Hoe zijt gij uit de hemel gevallen, gij morgenster, zoon des dageraards; hoe zijt gij ter aarde geveld, overweldiger der volken!" (Jesaja 14:12) Uit de volgende verzen blijkt wat het antwoord op die vragen is. Vijf keer geeft deze morgenster te kennen "ik wil" of "ik zal". Dat spreekt van egoïsme en hoogmoed.

Uit de hemel gebannen (Openbaring 12:7-9)
"En er kwam oorlog in de hemel; Michaël en zijn engelen hadden oorlog te voeren tegen de draak; ook de draak en zijn engelen voerden oorlog, maar hij kon geen standhouden, en hun plaats werd in de hemel niet meer gevonden. En de grote draak werd (op de aarde) geworpen, de oude slang, die genaamd wordt duivel en de satan, die de gehele wereld verleidt; hij werd ter aarde geworpen en zijn engelen met hem."

Op de aarde geworpen (Lucas 10:18)
"En Hij (Jezus) zeide tot hen: Ik zag de satan als een bliksem uit de hemel vallen." Naast deze woorden van Jezus spreken alle drie de voorgaande bijbelgedeelten over het feit dat de cherub (engel), de morgenster, of de draak en zijn engelen, ter aarde werd geworpen. Aarde mogen wij hier waarschijnlijk lezen als universum omdat satan in Efeziërs 2:2 "de overste van de macht der lucht" wordt genoemd.

Toepassing: Wat leren bovenstaande gedeelten ons over de macht van satan en van God?

Gebed: Heer Jezus, ook vandaag wil ik mij bewust verblijden in Uw macht over satan. Amen.

© Maximum Life


Reageren