Grootsgedrukt
Enquête: 064-Ik vind het goed dat vrouwen in kerken voorgaan! Ja Nee
Agenda:   Conferenties & Cursussen ||  Concerten ||  Evenementen ||  Bericht aanbieden

Manna

Pentateuch - deel 2 van 6

In den beginne schiep God de hemel en de aarde!

Lezen: Genesis 3 (als u tijd hebt, lees dan ook Romeinen 5:12-21)

Vers voor vandaag: "En God zag alles wat Hij gemaakt had, en zie, het was zeer goed." (Genesis 1:31a)

Genesis
De Pentateuch bestaat uit de eerste vijf boeken van de Bijbel, geschreven door Mozes.
Genesis, de naam van het eerste boek, betekent in het Grieks 'oorsprong, bron, begin'.
Het eerste vers uit de Bijbel: "In den beginne schiep God de hemel en de aarde", is een blijdschap voor gelovigen, een struikelblok voor twijfelaars, en een achterhaalde zekerheid voor ongelovigen.

Het boek Genesis neemt de lezer mee naar de oorsprong van plaats, tijd en materie, het begin van ons universum. God sprak en creëerde uit niets het licht, de maan, de sterren, planeten en zonnestelsels. Hij sprak en schiep planten en dieren. Zijn woord maakte mensen naar Zijn beeld en naar Zijn gelijkenis.

Het eerste boek van de Bijbel geeft heel duidelijk weer wat Gods plannen zijn met deze wereld en met de mensen. Een overzicht:

1. De schepping (Genesis 1,2)
De hemel en de aarde, de dieren en de mensen werden door God in perfecte toestand geschapen.
2. De zondeval (Genesis 3,4)
De mens wilde aan God gelijk zijn en keerde zich in zonde van Hem af. Naast de beschrijving van de zondeval in Genesis 3 kunnen wij twee verzen leggen uit de brief van de apostel Paulus aan de Romeinen: "Want allen hebben gezondigd en derven de heerlijkheid Gods." (Romeinen 3:23) "Daarom, gelijk door een mens de zonde de wereld is binnengekomen en door de zonde de dood, zo is ook de dood tot alle mensen doorgegaan, omdat allen gezondigd hebben." (Romeinen 5:12)
3. De belofte (Genesis 3:15)
Het mooie is echter dat wij diep verborgen in de beschrijving van de zondeval in Genesis 3 de eerste, ietwat cryptische, aanduiding vinden van de belofte van het heil, de komende Messias: "Ik zal vijandschap zetten tussen u en de vrouw, en tussen uw zaad en haar zaad; dit zal u de kop vermorzelen en gij zult het de hiel vermorzelen."
4. Het volk (Genesis 5-50)
God kiest Zich een volk uit om Zijn wil bekend te maken en om Zijn heilsplannen door te voeren.
a. Toen de mensen in zonden leefden roeide Hij hen uit en begon, om het zomaar eens te zeggen, nog eens opnieuw met familie van Noach (6-10).
b. Uit de nakomelingen van die familie koos Hij één persoon; Abraham (11:10-25:11).
c. Op een wonderlijke manier werd het begin van de vervulling van de belofte van een groot nageslacht werkelijkheid in Isaäk (18:1-15; 21-35).
d. Van de twee zonen van Isaäk werd Jakob, de jongste, uitgekozen (25:21-49:33). Deze Jakob kreeg na een worsteling met God de naam Israël (32:22-32).
e. Juda, de vierde zoon van Jakob, werd gezegend als opvolger (49:8-12).

Tot zover het fundament van de heilsgeschiedenis zoals we dat vinden in Genesis.

f. Eeuwen later werd het volk gehalveerd toen Israël in ballingschap ging.
g. Jezus werd geboren als nakomeling van David, uit de stam van Juda.

Toepassing: Wat is de belangrijkste les voor u uit het boek Genesis?

Gebed: Heer, dank U voor Uw heilsplan met deze wereld en met ons mensen. Amen.

© Maximum Life

Reageren


baruch

13-06-2017 12:43
In Genesis 1 ontbreken de engelen. Volgens Job 38 waren de engelen en/of kinderen Gods er bij toen God de aarde grondde, ook de overdekkende cherub juichte toen nog mee: Job 38:4 Waar waart gij, toen Ik de aarde grondde? Geef het te kennen, indien gij kloek van verstand zijt.
5 Wie heeft haar maten gezet, want gij weet het; of wie heeft over haar een richtsnoer getrokken?
6 Waarop zijn haar grondvesten nedergezonken, of wie heeft haar hoeksteen gelegd?
7 Toen de morgensterren (engelen) te zamen vrolijk zongen, en al de kinderen Gods juichten.
8 Of wie heeft de zee met deuren toegesloten, toen zij uitbrak, en uit de baarmoeder voortkwam?

Het water blijkt er al te zijn Gen.1:2. Zie ook 2 Petrus 3:6 Door welke de wereld, die toen was, met het water van den zondvloed ( kata' kluzo, onder water zetten, overstromen) bedekt zijnde, vergaan is. Door de zondvloed is de wereld en de mensen niet vergaan.
Gen. 1 beschrijft de restitutie van hemel en aarde. Daarom staat er: "Exodus 20:11 Want in zes dagen heeft de HEERE den hemel en de aarde gemaakt, de zee en al wat daarin is, en Hij rustte ten zevenden dage; daarom zegende de HEERE den sabbatdag, en heiligde denzelven." "GEMAAKT" en niet geschapen zoals altijd wordt gezegd. Dit is belangrijk i.v.m. de ouderdom van de gevonden residuen, die veel ouder zijn dan 6000 jaren.