Grootsgedrukt
Enquête: 079-Is paus Franciscus een valse profeet? Ja Nee
Agenda:   Conferenties & Cursussen ||  Concerten ||  Evenementen ||  Bericht aanbieden

Geloofsvragen

Wat als reïncarnatie bestaat?

Nogal wat gelovigen denken dat reïncarnatie (een mens die na de dood ‘verhuist’ naar een ander stoffelijk lichaam om daarin verder te leven) bestaat, want de ‘ziel’ zou los van het lichaam bestaan. Zij hebben daarvoor argumenten uit de Bijbel. Voor anderen is dit heidens of zelfs Godslasterlijk en ook zij hebben daarvoor argumenten. Maar wat is reïncarnatie eigenlijk en wat staat erover in de Bijbel?

Door Marco van Putten

Re-incarnatie is de woordcombinatie van in-carnatie (Latijn in-carnis – in het vlees (komen)) voorafgegaan door het woordje ‘re-’ (opnieuw). Opnieuw vleesworden dus. Dit veronderstelt dat er iets is dat een lichaamsvorm aanneemt en als dat sterft ‘verhuist’ naar een ander lichaam om weer te incarneren. Dit ‘verhuizen’ zou zich steeds herhalen. Er zou een ‘hogere’ entiteit bestaan, los van het lichaam, met een eigen functie. Dat zou een sterfelijk lichaam gebruiken om zich op aarde te manifesteren, in stand te houden of te verbeteren. Het fysieke lichaam zou er een tijdelijke verpakking voor zijn.

Reïncarnatie in wereldgodsdiensten
Reïncarnatie wordt verschillend voorgesteld. In het Hindoeïsme is het onderdeel van een somber mensbeeld. Hindoeïsten beseffen dat ze ‘lager’ dan het goddelijke staan, maar streven ernaar goddelijk te worden. Hun ‘ziel’ [1] zou gevangen zitten in een ‘rad van wedergeboorten’. Na de dood zou de ziel ‘verhuizen’ naar een ander lichaam. Welk nieuw lichaam het krijgt hangt ervan af of de ziel gestraft of beloond wordt voor de daden van het vorige leven. Dit sterven en reïncarneren gaat zo voort totdat de mens in theorie een goddelijke staat bereikt. Vrijwel alle mensen doen kwaad, dus reïncarneren is meestal straf. Dan ‘verhuist’ de ziel naar een ‘lager’ schepsel, zoals een dier.

Boeddhisme, voortgekomen uit Hindoeïsme, doorbreekt het rad van wedergeboorte door een weg naar ‘zelf-verlichting’ te wijzen in het huidige leven. De ziel bereikt zo het paradijselijke nirwana; samensmelting met de godheid. Ook Griekse filosofische scholen gingen uit van de onafhankelijke en eeuwige ziel, zoals ook blijkt uit het Nieuwe Testament.

Joodse reïncarnatietheorie
Het mystieke Jodendom, ontstaan in het Middeleeuwen, stelt dat aan de Schepping grote schade is toegebracht. Vooral Israël zou die schade moeten herstellen; de opdracht van Tikkoen Olam (Herstel van de Schepping). Daarbij wordt er vanuit gegaan dat de ‘ziel’ eeuwig bestaat en verbonden kan raken met God. Dan zal de Tikkoen Olam de voltooiing bereiken. Er moet dan een einde zijn aan het aantal ‘zielen’, want anders zou er geen einde komen aan het doorgeven van de schade van de Schepping. Reïncarnatie heeft een plaats in Tikkoen Olam. Elke ziel zou, door te reïncarneren, steeds opnieuw een bijdrage [2] leveren aan het herstel. Uiteindelijk zou dan de ‘nieuwe Schepping’, die in de Bijbel herhaaldelijk wordt beschreven, gerealiseerd worden [3].

Westerse reïncarnatietheorie
De Westerse cultuur is vooral gebaseerd op Grieks denken [4]. Van de Romeinen werd het principe overgenomen om het ‘goede’ uit andere culturen over te nemen. Zo is ook de reïncarnatietheorie overgenomen en omgevormd naar westers model in allerlei vormen, maar meestal gebaseerd op de voorspoedsgedachte en de superioriteitsgedachte.
Volgens sommige Westerse ‘christenen’ zou God reïncarnatie besturen en zouden (Gods)kennis en spirituele capaciteiten ‘meeverhuizen’. Het staat dus feitelijk voor zelfverrijking [5] of in elk geval voor een steeds hogere ‘christelijke’ beschaving.

Incarnaties van Godswege
Dat christenen in reïncarnatie geloven kan komen doordat er incarnaties van Godswege zouden bestaan. Engelen nemen menselijke lichamen aan. Maar dat is altijd tijdelijk en voor een bepaald doel. Engelen zijn immers geen fysieke wezens, zoals mensen. Ze hebben dus schijnlichamen. Feitelijk incarneren ze dus niet.

Satan of zijn demonen kunnen hetzelfde als engelen. Ze kunnen volgens de Bijbel zelfs ‘in’ een levend mens komen [6], maar dat resulteert altijd in bezetenheid [7]. God veroordeelt dat in alle gevallen als een misdaad en waar mogelijk moet zo’n bezetenheid rechtgezet worden door die geest(en) uit te drijven.

In bezit nemen van een levend mens is iets dat alleen aan de Heilige Geest is toegestaan, maar ook dat is geen incarnatie [8]. De enige incarnatie van Godswege die in de Bijbel staat is die van de Here Jezus. Dit veroorzaakte veel ophef en een schijnbare strijdigheid met het oorspronkelijke monotheïsme [9] van de Bijbel. Zijn bestaan voordat Hij Mens werd en dat Hij na Zijn hemelvaart weer als Mens terugkeert lijkt reïncarnatie te veronderstellen. Echter, de Bijbel beschrijft Hem niet als zomaar een Mens. Komende vanuit een andere wereld is Zijn Mens-zijn vooral te beoordelen als van een heel andere orde dan die van gewone mensen. De Here Jezus werd letterlijk Mens, maar werd opgewekt in Zijn Eigen verheerlijkte lichaam en is zo naar de Hemel opgegaan en zal zo terugkeren naar de aarde. Geen ‘verhuizing’ dus naar een ander lichaam [10].

Leven volgens de Bijbel
Reïncarnatie veronderstelt dat de ziel ‘los staat’ van het fysieke lichaam, voor de geboorte van een mens bestaat, niet ‘dood’ gaat maar voortdurend door-incarneert tot het deel krijgt aan de eeuwige godheid. In de Bijbel wordt de mens echter als compleet en uniek verondersteld. In Bijbelse zin is de ‘ziel’ zonder het lichaam betekenisloos en vice versa. Ook wordt in de Bijbel het aardse leven centraal gesteld.

Toch hebben christenen allerlei theorieën verzonnen waarin de hemel en diens geestelijke wereld dominant zijn aan de aardse wereld. De ‘ziel’ zou met de geestelijke wereld in verbinding staan en volgens sommigen zelfs daar diens oorsprong hebben. Deze theorieën zijn fundamenteel strijdig met de Bijbel, waarin gesteld wordt dat de mens niet iets is of heeft buiten het fysieke om. Incarnatie is niet de manier waarop mensen worden gevormd.

Vanaf de eerste mens Adam worden mensen alleen vanuit ‘stoffelijk materiaal’ gevormd zonder Geest (Job 10:9). Diens ‘ziel’ wordt in het ongeboren kind gevormd als onderdeel van die mens en bestaat niet voorafgaande aan diens verwekking. Bij de geboorte is de mens in staat op aarde te leven; het is het unieke en eenmalige ontstaans- en afrondingsmoment. Dat verklaart ook waarom de naamgeving van een mens in de Bijbel vaak ook iets zegt over wie [11] die zal zijn. Pas later kan een Geest worden toegevoegd (Gn 2:7), maar zelfs dat is geen incarnatie van God in een menselijk lichaam [12]. Mensen zijn immers fundamenteel anders dan God en kunnen nooit één met Hem worden. Het mensenleven is uniek door God gegeven [13]. De dood sluit de mate dat dit leven voldeed en bijdroeg aan Gods wil af.

De fysieke dood is dus het meest bepalende moment van een mensenleven. Na de dood bepaald de ‘waarde’ van dat afgesloten leven meteen al tot welk deel van de onderwereld de mens toegang krijgt (Lc 16:22-26). Het leven op aarde bepaald dus het leven na de dood. Uit het dodenrijk mag alleen God een dode opwekken. Na de opwekking [14] uit de dood wordt bepaald of de mens toegang krijgt tot Gods Koninkrijk [15].

Sommige stellen echter dat de opwekking juist reïncarnatie bewijst. Het menselijke lichaam sterft en vergaat immers. Toch wordt in de Bijbel alleen het oordeel beschreven over het ene unieke mensenleven tussen geboorte en dood. Zou God Die Adam schiep niet in staat zijn voor de opgestane mens een nieuw verheerlijkt lichaam te scheppen (1 Kor 15:44; Filp 3:21)?

Gelovigen vragen echter waarom een mens maar één kans zou krijgen (één leven heeft)? Het antwoord is dat alles in de Schepping geteld is, beperkt is en grenzen kent. Dat maakt de Schepping juist wat het is. God zal ook de hele mensheid in zijn huidige staat beëindigen. Dat wijst er op dat iets niet in orde is. In de Bijbel wordt beschreven dat een mens maar één aards leven zal hebben, omdat de mens in principe was geschapen om eeuwig te leven. Maar dat eeuwige leven op aarde had de mens niet van geboorte. Van Adam af was de mens sterfelijk [16], maar God gaf de toegang tot genezing [17].

Evaluatie
Reïncarnatie is een vermoeden van het heidendom. Echter, het heidendom weet van zichzelf goed en kwaad niet te beoordelen en te onderscheiden. Het verbeteren van de ziel door reïncarnatie is alleen gericht op het deel krijgen aan het goddelijke of om het goddelijke gunstig te stemmen. Het staat dus voor zelfbewerkte rechtvaardiging. Heidenen stellen echter niet de fundamentelere vraag waarom de ‘ziel’ met de dood van het fysieke lichaam te maken heeft en dat zij zo ‘ver’ van het goddelijk af staan. Dat dit wijst op een verstoring in het verre verleden ontgaat hen. Heidendom gaat immers, hoe tegenstrijdig ook, ervan uit dat er harmonie met of in elk geval van een constante beheersing van de Schepping door het goddelijke bestaat.

De reïncarnatiegedachte is fundamenteel strijdig met de Bijbel. Het ‘verhuizen’ van de ziel van het ene lichaam naar de andere wordt niet alleen nergens in de Bijbel beschreven, maar gaat ook tegen de Scheppingsorde in.

Een andere orde van God is dat alle mensen eenmaal door Hem geoordeeld zullen worden. Daartoe moeten mensen worden opgewekt. Die opwekking is problematisch voor de reïncarnatiegedachte. Daar staat tegenover dat reïncarnatie juist de mogelijkheid biedt om Gods oordeel te begunstigen. Maar welk leven zal dan voor oordeel in aanmerking komen? Het beste of een gemiddelde? Reïncarnatie veronderstelt dat de ‘ziel’ los staat van het fysieke lichaam.

In de Bijbel is de combinatie van het fysieke lichaam en de ‘ziel’ het essentiële waardoor de mens van nut voor God kan zijn. Als zielen los staan van het fysieke lichaam, dan rijst de vraag hoe zielen hun oorsprong vinden, waar ze verblijven als er geen beschikbaar lichamen zijn en of er inmiddels niet veel te weinig mensen op aarde leven om het enorm aantal zielen te kunnen laten reïncarneren? Vragen waar de Bijbel geen antwoord op geeft, omdat die vragen er niet in gesteld worden. Dat zou op zichzelf al een aanwijzing moeten zijn dat fysieke schepselen niet tot (re-)incarnatie in staat zijn.

=============================================================
[1] Een entiteit die het ‘zijn’ van de mens zou vertegenwoordigen.
[2] Niet zozeer altijd een ‘hogere’ bijdrage, maar niet, zoals in het Hindoeïsme, om een straf voor boosheden uit het vorige leven te ondergaan. Toch worden hun wijzen gezien als zielen die een veel belangrijkere bijdrage aan Tikkoen Olam geven dan onwijzen.
[3] Hoewel God opdracht zou geven en meewerken aan Tikkoen Olam is het toch vooral de opdracht en verantwoordelijkheid van de zielen om de nieuwe Schepping te bewerken.
[4] Dat fundamenteel strijdig is met het denkkader van de Bijbel.
[5] Ook een typische Westers principe. De gelovigen zouden door reïncarnatie steeds betere en vollere christenen worden.
[6] Dit verklaart dat heidenen dachten er iets van buiten in een lichaam kon treden en dat incarnatie ook een eigenschap van de mens was.
[7] Dit gaat altijd samen met groot (mentaal) geweld en is altijd uitermate ongunstig voor de mens die het overkomt. Al lijkt dat aanvankelijk niet zo.
[8] Het grote verschil tussen de inwoning van Gods Geest en bezetenheid is dat het eerste altijd op basis van vrijwillige keuze van de mens gebeurt en dat Gods Geest als een ‘gast’ inwoont.
[9] Veel monotheïsten maken de Here Jezus tot struikelblok en zetten de veronderstelling dat Hij aan God gelijk is en God Zelf is weg als polytheïsme. Het mysterie van Zijn incarnatie is ook moeilijk te begrijpen los van begrip van heel Zijn Persoonlijkheid.
[10] Omdat Hij de eersteling van de opgewekten wordt genoemd, mag aangenomen worden dat mensen evenzo opgewekt worden.
[11] Diens karakter en gedrag; de ziel.
[12] Dat zou het doel van de roeping van de mens – God eren en dienen – en van Gods heilsplan – het herstel van de mens als Zijn vertegenwoordiger op aarde – allebei opheffen.
[13] Ook dat van heidenen, want ieder mens kan gelovig worden.
[14] Sommige zeer vrome mensen worden eerder uit de dood opgewekt.
[15] Het ene unieke leven wordt in het ene unieke eindoordeel van God beoordeeld aan het einde der tijden.
[16] Adam is niet sterfelijk geworden na zijn geloofsafval van God, maar was het van geboorte, zoals alles in de Schepping. Daarom zijn de schepselen van oorsprong ook mannelijk en vrouwelijk gevormd.
[17] De Boom des Levens.

Reageren


BASTIAAN

08-01-2018 09:08
Inderdaad Marco, "De reïncarnatiegedachte is fundamenteel strijdig met de Bijbel. Het ‘verhuizen’ van de ziel van het ene lichaam naar het andere wordt niet alleen nergens in de Bijbel beschreven, maar gaat ook tegen de Scheppingsorde in."

Paulus leert dan ook in Hebreeën 9:27...

En zoals het de mensen beschikt is, EENMAAL te sterven en daarna het oordeel, zo zal ook ?de Masjiach, nadat Hij Zich EENMAAL geofferd heeft om veler ?zonden? op Zich te nemen, ten tweeden male zonder ?zonde? aanschouwd worden door hen, die Hem tot hun heil verwachten.

In Lucas 16 vertelt Jeshua over De rijke man en de arme Lazarus...

19En er was een rijk man, die gekleed ging in ?purper? en fijn ?linnen? en elke dag schitterend feest hield. 20En er was een bedelaar, ?Lazarus? genaamd, vol ?zweren, 21nedergelegd bij zijn voorportaal, die verlangde zijn honger te stillen met wat van de ?tafel? van de rijke afviel; zelfs kwamen de ?honden? zijn ?zweren? likken.

22Het geschiedde, dat de arme stierf en door de ?engelen? gedragen werd in ?Abrahams? schoot. 23Ook de rijke stierf en hij werd begraven. En toen hij in het dodenrijk zijn ogen opsloeg onder de pijnigingen, zag hij ?Abraham? van verre en ?Lazarus? in zijn schoot. 24En hij riep en zeide: Vader ?Abraham, heb medelijden met mij en zend ?Lazarus, opdat hij de top van zijn vinger in water dope en mijn tong verkoele, want ik lijd pijn in deze vlam.

25Maar ?Abraham? zeide: ?Kind, herinner u, hoe gij het goede tijdens uw leven hebt ontvangen en insgelijks ?Lazarus? het kwade; nu wordt hij hier vertroost en gij lijdt pijn. 26En bij dit alles, er is tussen ons en u een onoverkomelijke kloof, opdat zij, die vanhier tot u zouden willen gaan, dit niet zouden kunnen, en zij vandaar niet aan onze kant zouden kunnen komen.

27Doch hij zeide: Dan vraag ik u, vader, dat gij hem naar het huis van mijn vader zendt, want ik heb vijf broeders. 28Laat hij hen dan ernstig waarschuwen, dat ook zij niet in deze plaats der pijniging komen.

29Maar ?Abraham? zeide: Zij hebben ?Mozes? en de profeten, naar hen moeten zij luisteren. 30Doch hij zeide: Neen, vader ?Abraham, maar indien iemand van de doden tot hen komt, zullen zij zich bekeren.

31Doch hij zeide tot hem: Indien zij naar ?Mozes? en de profeten niet luisteren, zullen zij ook, indien iemand uit de doden opstaat, zich niet laten gezeggen.

Dus Reïncarnatie is een verzinsel van de duivel, die ook wel de leugenaar van de beginne genoemd wordt.

Jeshua zegt over al die reïncarnatie-misleiders in de wereld:

Johannes 8:44
Gij hebt de duivel tot vader en wilt de begeerten van uw vader doen. Die was een mensenmoorder van den beginne en staat niet in de waarheid, want er is in hem geen waarheid. Wanneer hij de leugen spreekt, spreekt hij naar zijn aard, want hij is een leugenaar en de vader der leugen.