Grootsgedrukt
Enquête: 127- Kunnen christenen nog naar Turkije? Ja Nee
Agenda:   Conferenties & Cursussen ||  Concerten ||  Evenementen ||  Bericht aanbieden

Geloofsvragen

Wat is goed?

Wat God goed vindt is vaak niet hetzelfde wat mensen ‘goed’ vinden. Dat is opmerkelijk. Eigenlijk staat voor de meesten wat goed is ook niet centraal in het leven. Dat is nog opmerkelijker. De aangenomen tegenhanger ervan – het kwaad – is echter veel prominenter. Kijk maar naar waar het in een ‘beschaving’ om blijkt te gaan. Ook dat is opmerkelijk. Voor God staat wat goed is wel centraal. Daarom is het toch belangrijk te bepalen wat Hij dan goed vindt? Daarover zijn verschillende meningen. Wat staat erover in de Bijbel?

Door Marco van Putten

Goed staat voor de juiste dingen of de staat van iets zoals het hoort, zoals het bedoeld is. Dat wat gunstig is voor het leven. Naar goed kan gestreefd worden en goed kan ook een werkwijze, daden, een ontwikkeling en een proces zijn. Goed geldt als maat van zaken. De referentie waartegen andere zaken worden afgezet of afgemeten. Het ontmaskert wat daarvan afwijkt; dat wat kwaad is. Daardoor is er de neiging goed tot de tegenpool van kwaad te maken, maar goed heeft een langere levensduur dan kwaad en ‘werkt’ ook eerder op de langere termijn dan op korte. Volgens de Bijbel bestond het eerder dan het kwaad (Gn 1:4). God wordt in verband gebracht of zelfs gelijkgesteld aan het goede (Ps 118:1), maar net als kwaad is het onpersoonlijk of een onafhankelijk iets. Goed wordt krijgt betekenis, ‘komt tot leven’, doordat God of schepselen er betekenis aan geven in denken en doen. God lijkt het goede te willen en te doen. Goed lijkt dan ook een logisch hoofdcomponent van de ware godsdienst. Maar heeft het die plaats ook werkelijk in de christenheid?

Woordstudie
Het meest gebruikte Hebreeuwse woord om goed uit te drukken is tov, dat ook ‘beter’, ‘mooi’, ‘welgaan’, ‘voorspoed’ en ‘aangenaam’ betekent. Het komt in de eerste twee hoofdstukken van het boek Genesis, dat over het maken van de schepping gaat, 10* voor. God noemt de Schepping overigens tov me‘od – uitermate goed (Gn 1:31). Van het woord tov is de stam jatav – goed zijn/welzijn afgeleid dat nadruk legt op staat of activiteit van iets dat tov is. Het woord toev staat voor dat wat goed is in de zin van dingen, zoals honing (Spr 24:13), of in abstracte zin, zoals goedheid (van hart) of een goed (een voorwerp). Verder kan goed uitgedrukt worden als chajil – vermogen/moed (Job 20:15) en chamad – begerenswaardig (Job 20:20).

In het Grieks zijn de meest gebruikte woorden kalos, dat ook ‘mooi’, ‘eerlijk’, ‘voortreffelijk’ en ‘eervol’ betekent, en agathos, dat ook ‘nuttig’, ‘heilzaam’ en ‘gunstig’ betekent. Minder gebruikt is agathopoieo – goed doen (Mr 3:4). Andere woorden zijn chrestos dat ‘geschikt’, ‘zichzelf geven’ en ‘meegaand’ betekent (Rm 3:12), en dokimadzo dat ‘goedkeuren’ en ‘beproeven’ betekent (Rm 14:22). Ook het voorvoegsel eu- heeft de betekenis ‘goed’, ‘flink’ of ‘weldoende’, zoals in eudokeo, dat ‘welgevallen hebben aan’ of ‘goed gezind zijn’ (Rm 15:26) betekent.

Is goed abnormaal?
Goed wordt in menselijke zin gedefinieerd als mooi, gunstig, geluk, succes, welvaart, rijkdom, volgens de wet en regels (van het land) en gezondheid. Maar goed steekt uit en valt op, omdat het eigenlijk meer dan gewoon [1] is. Daarom wordt het bijzondere of opmerkelijke [2] soms goed genoemd. Bedoeld is dan dat het voor bovenmatigheid staat, bijvoorbeeld in liefde, eerlijkheid, dapperheid of doortastendheid. Toch wordt goed in de regel gezien als een uitzondering op de regel en daarom door nogal wat mensen als onverstandig, zweverig en soms zelfs als gevaarlijk beoordeeld. Goed wordt immers nogal eens als (ongewenste) concurrent van het normale gezien [3]. In sommige gevallen wordt goed zelfs als een kwaad beoordeeld. Kortom, onder mensen bestaat er nogal wat verschil van mening of ook verwarring over wat goed is. Kunnen gelovigen dan wel weten wat goed is?

De moeilijkheid van goed
Er wordt tegenwoordig wel eens gezegd dat het nooit goed is. Mensen verlangen soms naar iets, maar als ze het dan eindelijk hebben valt het soms toch tegen. Dan vinden ze het toch niet goed. Mensen kunnen vragen dat iets goeds gedaan wordt, maar op het moment dat het gedaan wordt vinden ze de manier waarop het wordt uitgevoerd niet goed. Ook is wat goed is in de ogen van de ene mens, juist niet goed of zelfs kwaad in de ogen van anderen. De huidige welvaart en de daaraan gekoppelde illusie van volledige keuzevrijheid doet daaraan ook weinig goeds. Verwende mensen vinden maar weinig goed en zij vinden meestal dat het altijd beter kan. Ze meten zich aan artiesten, prinsen en koningen.

Zoals met veel dingen is ook wat goed is van toepassing op een staat van iets en op het concreet maken ervan in daden. Iemand die als goed (status) bekend staat kan nog wel dingen doen die niet goed gevonden wordt. Iemand die kwaad is kan omgekeerd ook goed doen [4]. Het komt er bij het bepalen van goed dus op aan dat het onderscheiden en vastgesteld wordt. Omdat goed een norm kan vertegenwoordigen kan het in een wet worden vastgelegd. Maar het hangt er maar helemaal van af hoe dit in zo’n wet is omschreven en daarna in elke situatie geïnterpreteerd en toegepast wordt. Zo kan iemand iets overduidelijks goeds hebben gedaan, maar toch veroordeeld worden omdat gevonden wordt dat het een (andere) wet overtreedt. Probleem is dat een wet alleen juridisch van aard is, terwijl wat goed is zich vooral begeeft op het terrein van de ethica (moraaltheorie). Als het zo gesteld is kan iets wat goed is vaak ‘over het hoofd’ worden gezien, omdat het mensen zijn die denken te kunnen bepalen wat goed is [5]. Wie kan bepalen wat goed is?

Wat goed is
In de Bijbel staat herhaaldelijk dat God goed is (Ps 106:1). Het gaat dan om de eigenschappen van Zijn Karakter, Zijn hart. Uit deze vaststelling – dat God goed is – moet afgeleid worden dat Hij er verstand van heeft. Dat Hij weet wat goed is en wat niet. Dat betekent dat wat goed is voor God eeuwig vast staat [6]. Maar vaststellen van wat God als goed heeft bepaald blijkt niet eenvoudig. In de Bijbel is het ‘verstopt’ [7] en dat wijst ernaar dat goed alleen van God Zelf te leren is. Er blijkt namelijk dieper inzicht over God en ervaring met het geloofsleven voor nodig en niet slechts de Bijbeltekst. Het simpel leren van een lijstje van dingen en werken die goed zijn [8] is eveneens niet voldoende. Overigens is de goedheid niet aan te leren, want dat is een werk van God in de gelovigen door de Heilige Geest. De gelovigen moet zich ook niet richten op wat goed is, maar op dat waartoe die geroepen is (Gn 2:15) en wat God die opgedragen heeft (Torahnavolging). In feite is dat de basis en gezindheid van wat goed is voor een gelovige, maar dat toont op zich al dat wat goed is ‘verstopt’ is of niet in een boek te leren valt. Het uitleven van een roeping en dat wat God opgedragen heeft is een weg van vallen en opstaan, van strijd en volharding en van hoop en zekerheid. Hoe heeft God wat goed is gedefinieerd?

Gods definitie van wat goed is
Uit de Bijbel kan worden afgeleid dat Gods definitie van wat goed onder meer is:
Wat aangenaam is
Wat geschikt is
Wat bijdraagt aan Zijn heil(splan)
Wat rechtvaardig en juist is
Wat passend of voldoende is
Wat vervuld of vervolmaakt
Wat op tijd is

Wat daaraan opvalt, is dat het Theocentrisch is (gericht op God), maar ook kosmocentrisch (gericht op de Schepping) en antropocentrisch (gericht op de mens). Dit betreft zowel het statische (goed op zichzelf) als het dynamische goed (de goede werken). Het is dan ook niet vreemd dat Zijn definitie van wat goed is ook bijna volledig anders is dan wat mensen in de regel als goed definiëren.

Wat voor God aangenaam is, kan voor mensen lelijk, afzichtelijk, verwerpelijk, onfatsoenlijk [9] en walgelijk zijn. Wat voor God geschikt is, kan voor mensen als volledig onder de maat, ongeschikt, ongepast en niet toepasbaar worden beoordeeld. Daarbij komt nog dat God niet altijd doorzichtig is, maar Zich geregeld bedient van kwaad, zoals straf, en dat goed noemt. Mensen hebben vanuit zichzelf geen weet van Gods heil(splan). Het komt immers van buiten de mensen en werkt ook vaak tegen de wil en de ondernemingen van mensen in. Mensen zijn er blind voor en kunnen het bestaan dus ook niet aanvaarden. De mens is fundamenteel onrechtvaardig, dus beoordelen ze Gods rechtvaardigheid of wat Hij juist acht als ontaard, stuitend en onbeschaafd. Mensen zijn onverzadigbaar en weten geen maat te houden, dus kunnen niet afstemmen op wat God passend of voldoende vindt. Mensen gaan meestal helemaal op in hun eigen verlangens of het wordt een verlangen om te proberen af te stemmen op Gods maat en vervallen dan in allerlei vormen van zelfkastijding [10]. Wie geen maat weet te houden, weet ook niets af van vervuld worden. Voor de meeste mensen is het immers nooit genoeg. Vervulling heeft te maken met tevreden zijn of iets als voldoende accepteren (2 Kor 12:9). Dat geeft namelijk innerlijke rust en dat is ook iets goeds voor een mens. Maar wie heeft dat? Veel mensen komen nooit tot zelfrealisatie, omdat ze onbekend zijn met wat hun gaven zijn en wat hun speciale plaats is in de Schepping. Hoe kan wat goed is aangeleerd worden?

Aanleren wat goed is
Welk mens kiest vrijwillig voor een leven van (geloofs)strijd, armoede, vervolging, vernedering en eventueel de marteldood? Zeker niet in het vrije, rijke en welvarende Westen [11]. Maar weinige [12] weten te volharden in hun keuze voor God [13]. Want God noemt goed-zijn in Bijbelse zin normaal en wat ervan afwijkt [14], leidt tot ondergang. Hoe meer gelovigen goed-zijn praktiseren door Torahnavolging (Rm 7:12; 1 Tim 1:8), waardoor ze groeien in geloof en heiligheid, des te meer neemt hun verdrukking toe. Maar ook de innerlijke zekerheid over wat goed is en wat niet. Dit leidt tot de vaststelling dat wat in de mens is niet goed, maar kwaad (Rm 7:18). Wat zuiver goed is kan zich niet handhaven in de huidige Schepping [15]. Dit wijst erop dat de ware gelovige niet zuiver goed kan zijn (Pred 7:16). Ook al heeft die uiteindelijk leren onderkennen wat dat is. Immers wat goed is volgens God concurreert nogal eens met het beste, terwijl het beste toch door iedereen wordt gezien als iets wat goed is.

==================================================

[1] Dat betekent dat er ook zoiets als ‘normaal’ bestaat, al is dat niet scherp gedefinieerd en veranderd dat voortdurend.
[2] Ook als dat bijzondere niet bepaald eigenschappen of daden zijn die de Bijbelse toets kunnen doorstaan of daarin zonden worden genoemd.
[3] De ongelovige mens is afkerig van het goede (2 Tim 3:3).
[4] Denk bijvoorbeeld aan de werken van satan of zijn demonen zich voordoende als ‘engelen van het licht’.
[5] Vandaar dat er in de Bijbel zo vaak staat ‘wat goed is in de ogen van mensen’, zoals in Genesis 16:6; Richteren 10:15.
[6] Bij mensen is wat goed is steeds in beweging, maar tijdelijk (impliciet) verankert in een wet.
[7] Niet gestructureerd, maar allerlei zaken over wat goed is worden in kleine stukjes her en der in de Bijbel genoemd. Daarom moet dat worden gestructureerd en geordend. Dat is het vakmanschap van de Bijbelleraar en de theoloog.
[8] Zoals die staan in Micha 6:8; 1 Korintiërs 13:4, Galaten 5:22, Efeziërs 4:32 en Kolossenzen 3:12-13.
[9] Fatsoen is nogal eens gekunstelde goedheid, maar goedheid moet wel een hartszaak zijn wil het goed zijn in Gods Ogen.
[10] Bijvoorbeeld (religieuze) ascese en verplicht celibaat.
[11] Er bestaat nogal een spanningsveld tussen de godsdienstige levenswijze volgens de Bijbel en de Westerse levenswijze.
[12] Het streven naar een werelddominantie van de christenheid kan dus niet goed zijn.
[13] Hoewel in de christenheid geleerd wordt dat God altijd op mystieke wijze bij hen blijft die eens voor hem gekozen hebben. De levenspraktijk en de logica wijzen echter in een andere richting.
[14] Dus ook wat erboven uitgaat of erop vooruitloopt.
[15] Hoewel die van oorsprong door God uitermate goed werd genoemd.


Reageren