3-Wie God is bepaald wat Hij doet

0
88
De meeste christenen denken dat Israëls toekomst hen niet aangaat. De karakteristieken van God, die het boek Jesaja noemt, vatten zij daarom alleen op als lessen over ‘Wie is God?’. Dit is echter onterecht. Naast dat christenen de geestelijke goederen aan Israël te danken hebben (Rom 15:27), blijkt uit het boek Jesaja zelfs dat de Messias alleen komt om Israël uit hun verbanning te bevrijden en te herstellen. Voor Israël is de vraag ‘Wie is God?’ secundair aan de vraag ‘Wat doet Hij?’.

Lessen uit Jesaja – Les 3
Door Marco van Putten

Aspecten van God die het boek Jesaja noemt lopen uiteen. Zo wordt genoemd dat: 1. God Één is; 2. God de Schepper van hemel & aarde is; 3. God Zijn Verbond met Israël heeft gesloten; 4. God verwachtingen heeft van de gelovige; 5. God Zijn volk beschermt en bewaard; 6. God de hele wereld in Zijn Hand heeft; 7. God naar Zijn wil handelt; 8. God de mens die tegen Zijn wil in gaat waarschuwt, tuchtigt en uiteindelijk straft; 9. Gods handelen berekenend en doordacht is; 10. God een herstelplan met de Schepping uitwerkt.

Zelfs antwoorden op de vraag ‘Wie is God?’ werkt het boek Jesaja uit tot ‘Wat doet Hij?’. Zo wordt de vaststelling dat Hij de Enige God is Die bestaat (Js 43:11; 45:5) meteen uitgewerkt tot de vaststelling dat dit betekent dat Hij alleen handelt. De afgoden van de mensen hebben alleen nut in de zin van occultisme (Dt 32:17; 1 Kor 10:20). De gedachte dat God alleen de God van Israël is wordt hierdoor ook ontkracht. Hij is geen Lands- of volksgod, maar God van alle mensen en de hele Schepping (Js 45:6).

Het boek Jesaja stelt dat God eeuwig is (Js 26:4; 40:28). Dit komt vooral ook tot uitdrukking in Jesaja 44:6. Velen vertalen de grondtekst onjuist als ‘Ik ben de Eerste en Ik ben de Laatste en behalve Mij is er geen God’. Die telwoorden ‘eerste’ en ‘laatste’ lijken echter te stellen dat er toch meerdere goden zijn. Maar dat kan nooit bedoeld zijn in een zuiver monotheïstisch geschrift als de Bijbel. De telwoorden moeten dus naar iets anders verwijzen. Dit wordt duidelijk in Jesaja 41:22 en 42:9 waar het gaat over openbaringen of profetieën die in het verleden zijn vervuld (eerste) en die nog vervuld moeten worden in heden en toekomst (laatste). Vers 44:6 betekent dus: Zoals God begonnen is Zich te openbaren in het verleden, zo zal Hij dat ook doen in het heden en de toekomst, want er is geen andere God dan Hij.

In Jesaja wordt erop gewezen dat God Almachtig is (Js 13:6) en dat Hij alleen de Schepping bestuurt (Js 45:12). Hij heeft het immers geschapen. God wil niet op Zichzelf blijven, maar heeft Zich aan mensen geopenbaard en is met hen een relatie aangegaan omschreven en bepaald in een Verbond (Hebr: Beriet). Dit Verbond wijst op wederzijdse verantwoordelijkheid. Het is voorwaardelijk en hangt van gedrag af. De Verbondsrelatie is dus niet ‘losjes’ of ‘vrij’. God wil niet dat de mens alleen maar in contact treedt met God als dat uitkomt, als er nood is, en verder maar een eigen weg volgt. In dat Verbond komt meteen al naar voren dat met God niet te spotten valt en dat de relatie tussen mens en God door Gods termen en voorwaarden wordt bepaald en niet andersom.

God handelt daarbij overigens niet zonder oog te hebben voor de omstandigheden van de mens, maar de mens moet wel groeien in geloof en mag niet blijven steken bij ongeloof. Beide Verbondsgenoten verplichten zich aan hun Verbondsrelatie. Het Verbond is niet het doel, maar het vooraf afgesproken kader voor de mens in de omgang met God. Wordt niet aan de Verbondsvoorwaarden voldaan of worden ze overtreden, dan schaadt dat de relatie direct.

Het feit dat God Zijn Verbond met de mens sluit wijst er op dat er verschil is tussen mens en God. Het geeft ook te kennen hoe heilig God is (Js 6:3) en hoe zondig de mens (Js 6:5). Het Verbond ‘overbrugt’ dit. Geen enkel mens of zijn afgod is zoals God (40:18; 44:7; 46:5). Zijn Karakter is uniek, maar ook veelal totaal strijdig met zoals de mens van nature is. Vandaar dat Torah – onderricht (om te worden zoals God wil dat de mens zal zijn) – de voeding, olie of brandstof is van Gods Verbond. Een verbond zonder voorwaarden – een onvoorwaardelijk verbond – bestaat niet in de Bijbel, want dat zou betekenen dat volgens God aan de mens niets mankeert.

In een volgende les wordt verder gegaan met de bestudering van het boek Jesaja.