Lessen in leiderschap van David – deel 2 van 3

0
22
Een mooie taakomschrijving voor een leider!

David wilde een tempel bouwen voor God. Uit deze gebeurtenissen kunnen wij tien belangrijke lessen distilleren ten aanzien van leiderschap.

Lezen: 1 Kronieken 28:6-19

Vers voor vandaag: “Onderhoudt en onderzoekt alle geboden van de Here, uw God.” (1 Kronieken 28:8b)

David, de man naar Gods hart, kreeg het verlangen om een tempel te bouwen voor de ark van het verbond. God echter wilde dat niet omdat David bloed vergoten had. Uit de gebeurtenissen rond de bouw van de tempel kunnen wij een aantal lessen trekken over leiderschap.

Gisteren hebben wij de eerste twee lessen besproken:
1. Wees voorzichtig met je hart
2. God kiest de leider

3. Gehoorzaam God (en de leider)
Nadat David duidelijk had gemaakt dat God Zelf hem had uitgekozen om koning over Israël te zijn en dat Salomo hem zou opvolgen, riep hij de mensen op om God te gehoorzamen (vers 8). Deze oproep om gehoorzaam te zijn aan God impliceerde ook gehoorzaamheid aan de koning die Hij gekozen had.

De taak van een leider is om leiding te geven. Dat klinkt vanzelfsprekend, maar is het niet. Veel leiders zijn in werkelijkheid ‘doeners’. Ze verzetten zelf het (meeste) werk en zijn in de uitvoering van de taken onmisbaar. Leiderschap betekent echter anderen leiden om het werk te doen.
Dat wil natuurlijk niet zeggen dat de leider niet zelf de handen uit de mouwen kan en moet steken. Zijn of haar primaire taak is echter om anderen te leiden in het bereiken van gestelde doelen. Dit leiden kan echter alleen functioneren als de bereidheid bestaat om de leider te volgen en te gehoorzamen.

4. De leider moet God dienen
Een christelijk leider is een persoon die zelf onder de autoriteit van God staat. Hij mag verwachten dat mensen hem volgen op grond van het feit dat hij God volgt. In vers 9 wordt Salomo – de aanstaande koning – opgeroepen drie dingen te doen: (1) God kennen (2) Hem dienen en (3) Hem zoeken. Een mooie taakomschrijving voor een leider.

5. God geeft het plan
Ik weet niet hoe het u vergaan is bij het lezen van de verzen 11-19. Waarschijnlijk vond u de opsomming van de plannen maar saai. In werkelijkheid is het natuurlijk fantastisch wat hier gebeurt. David gaf zijn zoon Salomo een gedetailleerd plan voor de bouw en de inrichting van de tempel. Hoe kwam hij aan die werktekeningen? In vers 12 staat dat hij dat in zijn geest bedacht had (David was een creatieve man), maar de werkelijke basis voor die ontwerpen vinden wij in het mooie vers 19: “Alles staat in een geschrift, ontvangen uit de hand des Heren, waarin Hij mij onderrichtte aangaande de gehele uitvoering van het ontwerp.”

Ik denk dat wij dit zó mogen begrijpen dat David zich biddend en in afhankelijkheid van God liet inspireren om de ontwerpen voor de tempel op papier te zetten. God was de ontwerper, David was het instrument in Zijn hand. Zo mogen ook wij God zoeken en ons door Hem laten leiden in het bedenken en uitvoeren van activiteiten en plannen.

Toepassing: In de studie van gisteren hebben wij gezien dat wij moeten oppassen met de dingen die wij op ons hart hebben. Hoe is het dan mogelijk dat dezelfde David hier met zoveel zekerheid getuigt van het feit dat dit plan van God kwam?

Gebed: Heer, ik wil U gehoorzamen en dienen. Gebruik mij voor Uzelf. Amen.

© Maximum Life