Broeders en zusters

0
54
Ziet, hoe goed en hoe liefelijk is het, als broeders ook tezamen wonen. Want daar gebied de Here de zegen, leven tot in eeuwigheid. Psalm 133:1,3b

Indien uw broeder zondigt, ga heen, bestraf hem onder vier ogen. Indien hij naar u luistert, hebt gij uw broeder gewonnen. Matthéüs 18:15

Voorwaar, Ik zeg u, in zoverre gij dit aan één van deze mijn minste broeders gedaan hebt, hebt gij het Mij gedaan. Matthéüs 25:40b

En verder: Spreuken 17:17, Matthéüs 5:23,24, Marcus 3:35, Marcus 10:28-31, 1 Corinthiërs 8:13, Hebreeën 13:1, 1 Petrus 3:8, 1 Johannes 2:10,11, 1 Johannes 3:14, 1 Johannes 4:21.