Pas toen ik 38 was kon ik erover praten

0
42
Ik ontmoet Elise (niet haar echte naam) bij een kerkdienst, waar ik als gast ben. Ze is een van de aardigste vrouwen, die ik ken en een van mijn cliënten, die ik nooit vergeten zal. Samen met haar man ploeterde ze door onze therapiesessies. Van het seksuele misbruik in haar jeugd maakte ze een verslag, dat indruk op me maakte, omdat het to the point was, helder en fijngevoelig. Wat een mooie fijnbesnaarde intelligente lieve vrouw. Iemand die bij Jezus hoort. Helaas al vroeg in haar leven beschadigd. Maar door Gods genade hersteld.

Door Marrie van der Feen

Kun je vertellen uit wat voor gezin je komt?
Ik kom uit een gezin met een vader, moeder en vijf kinderen. Eén zoon, vier dochters.

Hoe was je als kind?
Volgens mijn moeder was ik een lief, rustig, gezeglijk/makkelijk kind.

Ben je een verwaarloosd kind?
In het opzicht van zorg niet. Emotioneel denk ik wel.

Wat was je droom, je verlangen?
Had ik niet.

Mocht je de opleidingen doen die je wou?
Ja .

Ben je gepest of i.d.
Nee, ik kwam eerder op voor anderen.

Seksueel misbruikt?
Ja. Waarschijnlijk van mijn vijfde tot mijn elfde jaar.

Anderszins mishandeld?
Nee.

Maakte je nog andere traumatische gebeurtenissen mee?
Nee, ik had verder een goede, onbezorgde jeugd. Een vriendinnetje vanaf de kleuterschool die nog steeds mijn vriendin is. Onbegrijpelijk dat ik het misbruik zelfs niet aan haar heb verteld. Dat vinden we nu allebei.
Zij verhuisde in de vierde klas van de basisschool, wat ik wel heel erg vond. Maar er volgden logeerpartijen die heel leuk waren, ondanks het feit dat haar vader overleed toen wij een jaar of twaalf waren.

Heeft iemand je geholpen het misbruik te stoppen?
Nee.

Waar heb je wat aan gehad om het misbruik te stoppen?
Het is ‘vanzelf’ gestopt.

Welke rol speelde de dader in je leven?
Hij is mijn grote broer.

Wie wisten van het misbruik?
Niemand.

Wanneer vertelde je voor het eerst wat er gebeurde of gebeurd was?
Toen ik acht en dertig jaar was heb ik het, naar aanleiding van een film, voor het eerst verteld. Aan mijn man.

Werd je geloofd?
Ja. Direct.

Welke invloed had het misbruik op je relatie met je partner later? wilde je eigenlijk wel een man?
Ik wilde heel graag een man, was zelfs bang om ‘over te blijven’, hoewel ik op mijn 17e al verkering kreeg. Mijn man is een vriendelijke, bescheiden en humoristische man, met veel geduld, waarbij ik me vanaf het begin heel veilig voelde. Iemand die ontzettend veel van mij houdt en dat ook laat merken.
Het misbruik heeft wel veel invloed gehad op onze relatie, hoewel ik dat, voordat ik ontdekte dat de zwarte bladzijde in mijn jeugd incest heette, niet (h)erkende. Vooral op seksueel gebied. Ik ben God nog steeds ontzettend dankbaar dat hij deze man voor mij heeft uitgezocht, want zo heb ik dat altijd ervaren.

Hoe kwam je op de idee om in therapie te gaan?
Nadat ik ontdekte dat ik in mijn jeugd seksueel misbruikt was door mijn broer duurde het nog een paar jaar voordat ik hulp zocht. We volgden een geloofscursus, waarbij ik intensief met mijn geloof in God bezig was. Ik ben er nog steeds van overtuigd dat God me in die tijd heeft klaargemaakt om in therapie te gaan, hoewel ik niet kon overzien wat me daarin te wachten stond.
Op de achterkant van een boekje over incest zag ik het adres van een psychiatrisch ziekenhuis waar ik een afspraak maakte. Ik dacht zelf aan een paar gesprekken genoeg te hebben – het werd een intensief traject van jaren. Hier ben ik met therapie begonnen. Later kwam ik bij Marrie terecht.

Werd je gestimuleerd om hulp te zoeken of juist tegen gewerkt om dat te doen?
Mijn man stimuleerde me. Ging altijd met me mee en kreeg daar zelfs toestemming voor van zijn werkgever.

Op welke wijze heeft therapie zin voor jou gehad?
Ik heb in de therapie geleerd om te erkennen dat het misbruik veel invloed heeft gehad op mijn ontwikkeling en op mijn jeugd. Een weekend en andere ontmoetingen met lotgenoten lieten me zien dat ik niet de enige was. Deze waren een grote zegen.
 
Wat was het positieve in de therapie?
Erkenning, herkenning, afhankelijkheid.
Ik heb veel gelezen en geschreven in die tijd, dagboeken vol. Waardoor ik mezelf (beter) leerde kennen, zowel emotioneel als lichamelijk. Ik was in veel opzichten afhankelijk van de steun en het geduld van mijn dierbaren. En niet te vergeten mijn hemelse Vader. Hij was er altijd voor mij, liet me de psalmen ontdekken en mooie teksten ter bemoediging. Bij Hem kon ik altijd uithuilen, Hij troostte me en gaf me rust.

Wat had je liever niet gehad in de therapie?
Ik had gehoopt dat het korter zou duren en dat een interne opname niet noodzakelijk zou zijn geweest. Maar achteraf was het goed zo.

Wat heeft jou geholpen om een gelukkiger mens te worden?
Mijn echtgenoot en ons gezin. Goede vrienden, familie en mijn gezegende leefomstandigheden.
En mijn relatie met mijn Heer en Heiland.

Wat zou je andere slachtoffers van seksueel misbruik aanraden om te doen?
Zoek betrouwbare mensen om je geheim mee te delen en ga in therapie. Dat is geen gemakkelijke weg, dat is zeker. Maar wel helend.

Welke rol speelt het geloof in jouw leven?
Ik heb geleerd dat God te vertrouwen is, altijd. Dat Hij er altijd is, ook en misschien wel juist, in moeilijke tijden. Het misbruik is niet Zijn schuld maar de schuld van mijn broer. Ik ben ervan overtuigd dat God er ontzettend veel verdriet van heeft gehad dat het is gebeurd. Maar wij hebben een eigen wil gekregen, wij zijn (gelukkig) geen marionetten. Die eigen wil wordt vaak verkeerd gebruikt. Dat doet Hem verdriet, lees maar in de Bijbel.

Welke rol speelt vergeving?
God heeft mij de zegen van vergeving en los laten geleerd. Door het offer van Jezus ben ik vrijgekocht. De vergeving die ik door Jezus heb ontvangen mag en moet ik doorgeven. Vergeving schenken betekent trouwens niet altijd dat er dan ook verzoening komt. Als er geen erkenning van zonde is, blijft dat uit. Ik heb mijn broer kunnen loslaten. Het is in het geval van misbruik een moeilijke weg. Door genade kon ik wat er is gebeurd allemaal overgeven aan God, wat mij heeft vrij gezet. Ik heb dat zelf mogen ervaren. En nog steeds.
Dan heb je wel voldaan aan Jezus opdracht (‘Onze Vader…”) en mag je zelf genieten van de vrijheid die Hij je schenkt.

Nu volgt een reactie van de man van Elise!
Op jonge leeftijd kregen wij verkering, verloofden ons en in 1975 zijn wij getrouwd. Na een aantal jaar kregen wij drie kinderen, een jongen en twee meisjes.
Op een nacht in het jaar 1989 vertelde…… mij dat zij in haar jonge kinderenjaren door haar oudere broer jarenlang seksueel is misbruikt. De ontdekking had zij op haar werk gedaan. Zij werkt als secretaresse bij een stichting voor maatschappelijk dienstverlening en tijdens het uittypen van een stuk over incest kwam zij tot de ontdekking dat zij zelf ook een slachtoffer is. Jarenlang had zij die gevoelens proberen te verdringen door altijd voor iedereen klaar te staan, opgewekt te zijn, vaak een rol te spelen, veel vrijwilligerswerk te doen etc. etc.
Met mij heeft zij er tot die nacht nooit over durven praten. In mij streden de gevoelens van boosheid en machteloosheid om voorrang. Vaak heb ik gedacht om hem in elkaar te slaan of om een familieberaad met alleen mannen te houden en hem daarbij tegenover iedereen aan de schandpaal te nagelen. Er kwam echter niets van, ik denk met name om de vrede in de familie te behouden.

In 1993 hebben wij de cursus ‘de Grote Opdrachtschool’ van Agape gevolgd. Die cursus heeft veel in ons losgemaakt en wij zijn daarna ook veel dichter bij God gaan leven, veel bewuster ook. De consequentie daarvan was dat……. niet langer zonder professionele hulp verder kon om haar incestverleden te verwerken. Om te beginnen hebben wij in 1994 op een avond tijdens het eten onze kinderen van de nare ervaringen van …… verteld en hebben allemaal gehuild en daarna God om hulp gevraagd. Daarna heeft …….haar zusje om hulp gevraagd en via haar een gesprek met haar broer gehad. Hij vertelde haar zich niets te kunnen herinneren maar geloofde haar verklaring over de incest wel en wilde wel helpen bij de verwerking. Van die hulp is achteraf gezien niets terechtgekomen, hij liet niets van zich horen, wilde zich niets herinneren, wilde niet in therapie om die periode boven te halen en vond het vooral heel erg voor zichzelf dat …… de hele familie en een aantal vrienden op de hoogte had gesteld. In een aantal gevallen durfde hij die niet meer onder ogen te komen.

Via de verwijzing van onze huisarts kwamen wij voor die professionele hulp bij het Gereformeerd Psychiatrisch Ziekenhuis in Bosch en Duin terecht. ……. en ik eigenlijk ook, dachten aan een paar gesprekken genoeg te hebben. Wij hadden er met elkaar al zoveel over gesproken dat wij de indruk hadden dat zij haar verleden inmiddels wel verwerkt zou hebben. Niets bleek minder waar. Er volgden wekelijkse gesprekken en ik werd gelukkig door mijn werkgever in staat gesteld om (bijna) iedere keer met ………mee te gaan.

Na onze vakantie in 1995 was de situatie inmiddels zo verslechterd dat ………tien weken moest worden opgenomen in het GPZ. Voor haar gevoel te kort maar de toegestane opnameduur zat er helaas op.
Bij het GPZ heeft zij het maximale aantal van 130 gesprekken gehad. Daarna moesten wij op zoek naar andere hulp en kwamen terecht bij Marrie. ……..heeft een aantal voor haar zeer dierbare weekenden bij Stichting Petra meegemaakt, individuele gesprekken met Marrie gevoerd en ook samen hebben we op dat heerlijke slaapkamertje in Amsterdam gezeten om te praten, te huilen en te bidden. Bedankt Marrie!!  Ook een aantal groepstherapieën van Stichting Petra waren voor haar helend en bevrijdend.

Na zeven jaren van therapie kon ………eindelijk zeggen dat ze ‘los’ was van haar broer. Zij wilde hem zijn daden ook vergeven en ondernam daartoe een aantal, zeer moeilijke, pogingen door met hem, zelfs in zijn huis, in gesprek te gaan. Hij kon/wilde zich echter niets herinneren en beleed dus ook geen schuld. Op grond daarvan kon zij hem aanvankelijk niet vergeven maar alleen opdragen aan God. Een aantal jaar verder heeft zij hem op, zoals zijzelf zegt, de “Jezus-manier’ vergeven, dus eenzijdig. Wel vergeving, geen verzoening. Toch is de relatie met haar broer door de jaren heen zo geworden, dat wij elkaar allemaal weer kunnen ontmoeten en met elkaar familieaangelegenheden kunnen regelen en vieren.
Wij zijn dankbaar dat zij door de hulp van God en de hulp van veel lieve en dierbare mensen zo wonderbaarlijk is genezen dat zij nu kan getuigen over haar verleden. Daarnaast heeft die ‘zwarte’ periode onze relatie met de hulp van Hem, ook op seksueel gebied, alleen maar verdiept. God is groot, Hem komt alle eer toe!

Op woensdag 29 maart en woensdag 19 april is er in Middelburg bij stichting Petra o.l.v. drs. Marrie van der Feen, psycholoog, een ontmoetingsdag voor vrouwen, die zelf aan het werk willen met hun issues. Schroom niet, maar meld je aan: info@stichtingpetra.nl of tel.: 0118-642546. Van 11.30 tot 16 uur.